iw Ik wil woordjes leren

🇰🇷 Koreaans

Koreaans met Hangul en romaja.

Begroetingen

👋 10 woordjes

Koreaans: begroetingen

Veelvoorkomende begroetingen in het Koreaans, formeel en informeel.

Beleefdheid

🙏 10 woordjes

Koreaans: beleefdheid

Beleefde uitdrukkingen in het Koreaans, niveau A1.

Beroepen

💼 10 woordjes

Koreaans: beroepen

Veelvoorkomende beroepen in het Koreaans, niveau A1.

Bezittelijk

🤝 9 woordjes

Koreaans: bezittelijke woorden

Bezittelijke vormen in het Koreaans (met partikel 의 of samentrekking).

Bijvoeglijk

10 woordjes

Koreaans: bijvoeglijke naamwoorden basis

Basis bijvoeglijke naamwoorden (descriptieve werkwoorden) in het Koreaans.

Cijfers 1-20

🔢 20 woordjes

Koreaans: cijfers 1-20

De cijfers 1 tot 20 in het Koreaans (Sino-Koreaans systeem), niveau A1.

Cijfers 21-100

🔢 12 woordjes

Koreaans: cijfers 21-100

Tientallen en hogere getallen tot 100 in het Sino-Koreaans, voor leeftijd, geld en data.

Dagen

📅 9 woordjes

Koreaans: dagen van de week

De zeven dagen van de week plus week en weekend in het Koreaans.

Dieren-boerderij

🐄 10 woordjes

Koreaans: boerderijdieren

Dieren op de boerderij en huisdieren in het Koreaans, niveau A1.

Dieren-wild

🦁 10 woordjes

Koreaans: wilde dieren

Wilde dieren in het Koreaans, niveau A1.

Dokter

🩺 10 woordjes

Koreaans: bij de dokter

Woorden voor bij de dokter in het Koreaans.

EHBO

🩹 10 woordjes

Koreaans: eerste hulp (EHBO)

Basis eerste hulp woorden in het Koreaans.

Emoties

😊 10 woordjes

Koreaans: emoties en gevoelens

Emoties en gevoelens in het Koreaans, niveau A1-A2.

Eten

🍽️ 13 woordjes

Koreaans: eten en drinken

Basis eten en drinken in het Koreaans, niveau A1.

Familie

👨‍👩‍👧 15 woordjes

Koreaans: familie

Familieleden in het Koreaans, niveau A1.

Fruit

🍎 11 woordjes

Koreaans: fruit

Veelvoorkomend fruit in het Koreaans, niveau A1.

Groente

🥕 10 woordjes

Koreaans: groente

Veelvoorkomende groenten in het Koreaans, niveau A1.

Hobbys

🎨 10 woordjes

Koreaans: hobby's

Veelvoorkomende hobby's in het Koreaans, niveau A1.

Huis

🏠 10 woordjes

Koreaans: huis en kamers

Het huis en de verschillende kamers in het Koreaans, niveau A1.

Internet

💻 10 woordjes

Koreaans: internet en sociale media

Woorden voor internet en sociale media in het Koreaans.

Kleding

👕 10 woordjes

Koreaans: kleding

Kledingstukken in het Koreaans, niveau A1.

Kleuren

🎨 11 woordjes

Koreaans: kleuren

De basiskleuren in het Koreaans, niveau A1.

Landen

🌍 11 woordjes

Koreaans: landen en nationaliteiten

Landen en nationaliteiten in het Koreaans (~사람 = persoon uit ...).

Lichaam

👤 13 woordjes

Koreaans: lichaamsdelen

De belangrijkste lichaamsdelen in het Koreaans, niveau A1.

Maanden

📆 12 woordjes

Koreaans: maanden van het jaar

De twaalf maanden in het Koreaans (cijfer + 월).

Muziek

🎵 10 woordjes

Koreaans: muziek

Muziekinstrumenten en begrippen in het Koreaans.

Natuur

🏔️ 10 woordjes

Koreaans: natuur

Natuurlandschappen in het Koreaans, niveau A1.

Restaurant

🍽️ 10 woordjes

Koreaans: in het restaurant

Woorden voor in het restaurant in het Koreaans.

School

🏫 10 woordjes

Koreaans: school - voorwerpen

Voorwerpen op school in het Koreaans, niveau A1.

Seizoenen

🍂 10 woordjes

Koreaans: seizoenen en natuur

Seizoenen en basisnatuurbegrippen in het Koreaans, niveau A1.

Sport

11 woordjes

Koreaans: sport

Veelvoorkomende sporten in het Koreaans, niveau A1.

Stad

🏙️ 10 woordjes

Koreaans: in de stad

Plaatsen in de stad in het Koreaans, niveau A1.

Strand

🏖️ 10 woordjes

Koreaans: op het strand

Woorden voor op het strand in het Koreaans.

Tegenstellingen

⚖️ 12 woordjes

Koreaans: tegenstellingen

Tegenovergestelde bijvoeglijke naamwoorden in het Koreaans, niveau A1.

Telefoon

📞 9 woordjes

Koreaans: telefoneren en post

Woorden voor communicatie en post in het Koreaans.

Tijd

12 woordjes

Koreaans: tijd vertellen

Hoe je in het Koreaans de tijd vertelt; uren met native Koreaans, minuten met Sino-Koreaans.

Tijdsuitdr

10 woordjes

Koreaans: tijdsuitdrukkingen

Tijdsaanduidingen voor verleden, heden en toekomst in het Koreaans.

Uitdrukkingen

💬 11 woordjes

Koreaans: veelvoorkomende uitdrukkingen

Praktische zinnen voor dagelijkse gesprekken in het Koreaans.

Vakantie

🏖️ 10 woordjes

Koreaans: vakantie en reizen

Woorden voor vakantie en reizen in het Koreaans.

Vakken

📚 10 woordjes

Koreaans: schoolvakken

Schoolvakken in het Koreaans, niveau A1.

Vervoer

🚗 10 woordjes

Koreaans: vervoer

Vervoersmiddelen in het Koreaans, niveau A1.

Vliegveld

✈️ 10 woordjes

Koreaans: op het vliegveld

Woorden voor op het vliegveld in het Koreaans.

Voornaamwoorden

👥 10 woordjes

Koreaans: voornaamwoorden

Persoonlijke voornaamwoorden in het Koreaans, beleefd en informeel.

Voorzetsels

↔️ 10 woordjes

Koreaans: voorzetsels / plaatsaanduidingen

Plaatsaanduidingen in het Koreaans (achterzetsels, want Koreaans heeft geen voorzetsels).

Vragen

10 woordjes

Koreaans: vragen stellen

Vraagwoorden in het Koreaans, niveau A1.

Weer

🌤️ 10 woordjes

Koreaans: het weer

Het weer beschrijven in het Koreaans, niveau A1.

Werkwoorden-bewegen

🏃 10 woordjes

Koreaans: bewegingswerkwoorden

Werkwoorden voor beweging in het Koreaans (infinitiefvorm op ~다).

Werkwoorden-dagelijks

🍽️ 11 woordjes

Koreaans: dagelijkse werkwoorden

Veelvoorkomende dagelijkse werkwoorden in het Koreaans (infinitiefvorm op ~다).

Werkwoorden-zijn

🔁 12 woordjes

Koreaans: werkwoorden zijn en hebben

De werkwoorden 이다 (zijn) en 있다 (zijn / hebben) in het Koreaans.

Winkel

🛒 10 woordjes

Koreaans: in de winkel / supermarkt

Woorden voor in de winkel en supermarkt in het Koreaans.

← Alle onderwerpen