iw Ik wil woordjes leren

👕 NT2: kleding en winkelen

Nederlandse woorden over kleding kopen en passen voor NT2 A1/A2.

Gratis account (voortgang opslaan)
NT2: kleding en winkelen — 16 woordjes
Vraag Antwoord
broek kleding voor je benen
rok kleding voor vrouwen, van je middel naar beneden
jurk kleding voor vrouwen, één stuk van boven tot onder
shirt kleding voor je bovenlichaam met korte mouwen
trui warme kleding voor je bovenlichaam
jas warme kleding die je buiten draagt
schoenen kleding voor je voeten
sokken stof om je voeten in de schoen
maat getal dat zegt hoe groot de kleding is
pasruimte klein kamertje in de winkel om kleding te proberen
passen kleding aandoen om te kijken of het goed zit
ruilen iets terugbrengen en iets anders kiezen
korting het is goedkoper dan normaal
uitverkoop periode waarin veel kleding goedkoper is
kassa plek in de winkel waar je betaalt
kledingzaak winkel waar je kleding koopt

Meer in Inburgering